Inleiding

Ik schilder, teken en verbeeld ‘landschappen’ – in de ruimste zin van het woord.
Landschappen van grote tot uiterst kleine schaal, via waarneming, herinnering of fantasie. Van buitenaf en van binnenuit.
Het landschap dat ik tracht te verbeelden heeft een dynamisch karakter. Het heeft zowel figuratieve als abstracte elementen. Ik tracht er zoveel mogelijk verrassing en avontuur in te ontdekken, in te leggen én over te dragen.
In feite is het landschap een metafoor van de wijze waarop ik de wereld waarneem.

Opleiding

Academie Minerva te Groningen van 2001/2004.

Techniek

Ik werk met penseel op papier met oostindische inkt.

Dynamiek

Een van de hoofdthema’s van mijn werk is de dynamiek.
De levende bewegelijkheid.
Je ziet het in de wolken, in een cycloonachtige beweging die wervelend aan komt zetten, in water herhaalt zich hetzelfde patroon in draaikolken.
Er is eb en vloed, de ene dag zie je een verstild, licht en een leeg strand, de volgende dag kan de zee er woest overheen gaan en ligt het vol schelpen en zware wieren, net als je eigen stemmingen.
Ik probeer al die verschillende ‘stemmingen’ van het ‘levend landschap’ ook in hun samenhang te zien, er is een op en neer gaan, er is een ontstaan en een verloren gaan, het landschap is voortdurend in beweging.
Ook de motoriek van bijvoorbeeld dieren is fascinerend. Elk dier heeft zijn eigen vorm van bewegen, ritmiek, vliegen, rennen of voedsel zoeken.
Zo ook bij mensen . Allemaal hebben ze hun persoonlijke, karakteristieke ritmiek, gebaren, wijze van voortbewegen. Ik kan er niet genoeg van krijgen dat alles in me op te nemen, al is het me zo nu en dan ook wel eens te veel.
De groeivorm van mossen is tegelijk een beweging, de wijze waarop mossen zich manifesteren is bewegelijk, grillig, het gaat alle kanten uit, je ziet een dooréénvlechtende, dynamische groeimassa, het hele jaar door in steeds andere vormen. De mossen zijn sterk en taai, maar ook aaibaar, zacht en wollig.
Het kijken ernaar is voor mij een zintuiglijke, tastbare ervaring. Er ontstaat een eigen beweeglijke wereld, waarin ik me zoveel mogelijk wil verdiepen en waarvan ik hoop dat ook anderen dat zo ervaren.
Ik wil dat mensen als ze naar mijn werk kijken hun eigen làndschap visualiseren en dat ze het gevoel hebben dat ze deel zijn van het werk.
Het contrast tussen binnen- en buitenwereld zichtbaar maken én de verbinding tussen die twee werelden.

Meervoudig perspectief

Als kind droomde ik vaak dat ik boven een stad of boven een landschap hing. Ik wou dat alles altijd in één blik overzien. Je kijkt niet naar één punt, je probeert het geheel te vangen. Je ziet een totaalbeeld.
Dat was een fascinatie. De blik die dat alles in één samenhang wil zien en ondergaan.
Chinese schilders wilden in hun berg-en-waterschilderijen, maar ook in hun stadsgezichten het totale landschap in één oogopslag overzien. Ze wilden als het ware dat je ook om hoeken keek, bochten omsloeg en de achterkant van de huizen zag.
In feite werkten ze vanuit een meervoudig perspectief. In hun landschappen zie je bijvoorbeeld de hele wandeling van het dal in de diepte naar de verste top, met een individuele wandelaar er heel klein in. Ieder stadium van de weg, zowel in de ruimte als in de tijd, is zichtbaar.
Ik houd me ook bezig met landschappen zonder horizon, zonder vooropgezette richting. De waarneming wordt niet begrensd, want je kunt altijd verder kijken.
Zo blijf je nieuwsgierig: er gaat altijd weer een nieuw luikje open. Altijd volgt een nieuw hoofdstuk. Alles blijft in beweging.